Waar het stuk in 1895 om een Germaanse rechtszitting draaide, gaat de nieuwe versie over een zitting van de Etstoel, die eeuwenlang de hoogste rechtbank en het bestuur van Drenthe was. Daar moet een Drent zich verantwoorden voor de dood van een Friese monnik in Rolde. Het grootste deel van de tekst is in de streektaal, en ook de wolf, gewasbestrijding, stikstof en mountainbikers komen voorbij. Jacco Fluks was de verteller, en aan het slot zongen koor en publiek samen een nieuw Drents volkslied.
De première op vrijdagavond kon maar net doorgaan, omdat de ploeg na een zware onweersbui pas op het laatste moment klaar was. Ook in 1895 zorgde het weer voor oponthoud, schrijft het gezelschap: door een onweersbui vlak voor het begin moesten Emma en Wilhelmina toen even wachten.
Anne Doornbos schreef de teksten en regisseerde met hulp van Gerdien Veneboer. Martijje Lubbers vernieuwde de muziek en leidde het projectkoor, en historicus Henk Nijkeuter adviseerde over de geschiedenis. De spelers kwamen van toneelverenigingen in Balloo/Loon, Rolde, Grolloo en Ekehaar. Vrijwilligers van het gezelschap brachten het geld bij elkaar en regelden de organisatie, met bijdragen van de gemeente Aa en Hunze, de provincie Drenthe, het Claas van Gorcumfonds, de stichting Rossing-Koops en het coöperatiefonds van Rabobank Noord.
Er konden per voorstelling ongeveer 150 mensen in de kuil. Volgens de Rolderpost is dat maximum afgesproken met de omwonenden en Het Drentse Landschap, zodat de buurt en de kuil zelf er zo min mogelijk last van hebben. Buurtvereniging De Spoorzoekers maakte het terrein vooraf in orde.
Het origineel werd opgevoerd op zaterdag 7 september 1895, toen Emma en Wilhelmina vanuit Assen een rijtoer naar Rolde maakten en de hunebedden bezochten. Rijksarchivaris Gratama bedacht er een Germaanse rechtszaak bij, waarin Theodgrim, zoon van Aldgrim, vogelvrij werd verklaard omdat hij in 734 aan de kant van Karel Martel tegen de Friezen en Drenten zou hebben gevochten. Aan het eind voorspelde een zieneres dat het land ooit door een vrouw zou worden bestuurd. Het gezelschap wilde het stuk al in 2020 terugbrengen, toen het vijftig jaar bestond, maar door corona ging dat niet door.